De wind rukt aan je tanden, snijdt door je glazuur
je bent op weg naar het feest van heksen en vampiers

waar lampen zijn versierd met spinrag en spiegels afgedekt
met zwarte kleden, pompoenen met hun ingekerfde grijns
verlichten kinderen in skelettenpyjama’s die tekeningen maken

van spoken, iemand zet zijn tanden in de nek
van zijn geliefde, een hand is vervangen
door een zaagblad, een neus met wrat zakt telkens af.

Die avond verdwenen twee kinderen in de tuin
de verbaasde heksen bleven hen nog uren zoeken.


Terug